Categorie archief: Diary

Opkrabbeldossier dag 198

Hoi. Ik dacht, laat ik weer eens updaten, aangezien de laatste blogpost nog uit 2014 dateert (serieus hoor). Het voornemen om elke week minstens twee keer te bloggen en zo een vet handig overzicht te maken van wat en hoe, stond helaas niet in mijn lijstje goede voornemens voor dit jaar.

De korte reden is dat ik gewoonweg niets te vertellen had wat ik de moeite van het posten waard vond. De échte reden is dat ik het zolang heb uitgesteld, dat ik niet eens meer weet waar ik ben gebleven in het hele wegmetjeburnout-traject. Dus hier een overzicht.

– Sinds een paar weken werk ik weer fulltime. Hoe hard ik de tijd ook nodig had om op te krabbelen, al na een aantal weken werd ik helemaal gestoord van het binnenzitten. In totaal waren het achtendertig dagen die ik volledig heb thuisgezeten, ofwel vijfeneenhalve week, ofwel 0,10 jaar. Toen ben ik twee lesuren gaan werken in de week, wat ik heb opgebouwd naar fulltime in 4 maanden. Ook al roept iedereen dat het snel is, ik was thuis wel een beetje uitgekeken. Ik snap ook niet dat er mensen bestaan die vrijwillig bankzitten, brr.

– De online therapie heb ik afgerond, een tijdje geleden eigenlijk al. Dit was voor mij de ideale coaching, gezien de status waarin ik me bevond (mentaal dood, zeg maar). Daarna ben ik verder gegaan met Cesartherapie, waar ik heb geleerd dat mijn ademhaling nergens op sloeg en mijn houding leek op een zak verrotte aardappelen. Dat in combinatie met het volgende punt is werkelijk een verademing.

– Dan de dit-meen-je-niet-verandering: ik ben gestopt met roken. Echt. Drie maanden geleden ben ik (onbewust) begonnen met afbouwen, en sinds vierentwintig dagen helemaal gestopt. Het klinkt allemaal erg ‘ohh, wat knáp van je’, maar ik ben gestopt uit pure angst voor allemaal rookgerelateerde, enge ziektes enzo. Soms is angst wél een goede raadgever. Kudo’s trouwens, voor de walgelijke antirookoropaganda. Eikels.

– Ik ben tante geworden! En wel van de mooiste baby van de hele wereld*. Het is zo leuk dat overal baby’tjes geboren worden, omdat we zelf geen kinderen willen. Lekker cadeautjes kopen en oppassen enzo, maar toch elke avond lekker samen op de bank. De perfecte oplossing dus!

– We hebben gloeiendegloeiende nog stééds geen ander huis. De veertig vierkante meter van Vriendje zal de komende tijd ons onderkomen blijven. We zijn natuurlijk heus niet te veeleisend of kieskeurig hoor, maar we willen gewoon een huis met een tuin. Op het zuiden. En een ligbad. En drie slaapkamers. En een woonkeuken. Voor een normale prijs. We snappen gewoon niet waarom dat zo moeilijk vinden is, in een dorp met nog geen tweeduizend inwoners.

– Ik durf er nu eerlijk voor uit te komen: ik wandel. Met Vriendje, gewoon voor de lol. En als we geen zin hebben gaan we gewoon fietsen. Lekker tussen de lammetjes door sjeesen enzo, echt mega-relaxt. Om in de zenmodus te blijven doe ik om de dag nog braaf yoga. Kijk, ik smokkel heus weleens een dagje, maar dat is alleen als Vriendje er niet is om me een megaharde schop onder m’n reet te geven.

So far, so good dus. Al ben ik er nog lang niet, ik ben allang blij dat ik weer normaal boodschappen kan doen en niet meer als een kip zonder kop rondren. Niet alles is weer terug naar het oude. Waar ik een jaar geleden nooit voor twaalf uur ’s avonds sliep, vallen mijn ogen nu tussen negen en tien uur al dicht; ik red het niet meer met zes uur slaap. Mijn hoeveelheid energie is nu ongeveer gelijk aan die van een niet-adhd’er, al lijkt dat nog steeds wel iets meer te worden. Kortom, ik weet niet hoe ik er uiteindelijk uitkom, en wat er van bovenstaande punten over een paar weken terecht zal komen. Maar ach, alles is beter dan honderdachtennegentig dagen geleden.

* Dat zei ik ook van m’n petekindje, maar dat is inmiddels geen baby meer dus dat telt niet.

Opkrabbeldossier dag 5 t/m 11

Ik heb vakantie! Eerlijk gezegd zit ik dan toch met een ander gevoel thuis, zo van ‘er is niets mis met me, maar ik werk even niet omdat ik vakantie heb’. Het allerliefst begin in maandag weer met werken, gewoon doen alsof alles weer normaal is.

Deze week heb ik zo’n honderd vage klachten geëlimineerd, en zijn er dus nog net zoveel over. Coach adviseerde me om alles maar op z’n beloop te laten en het te ondergaan. Ik had ooit een yogadocente die propagandeerde dat je zo’n beetje het hele leven maar moest ondergáán en zich daar ook braaf naar gedroeg. Vijf dagen heb ik nonstop piepende oren gehad op de toonhoogte variërend van hondenfluitje tot anti-muggenstekker waarvan de batterij bijna leeg is. Mijn hart heeft in een week net zoveel slagen gemaakt als in heel 2013 en ik heb bijna twee keer zoveel geslapen als Vriendje. Maar inderdaad, ik ben iets meer ontspannen dan een week geleden.

Een week geleden ging Vriendje voor zijn werk twee dagen naar Milaan. Zou ik trouwens ook gedaan hebben als ik hem was. Het idee alleen bezorgde me spontaan hartkloppingen, maar aangezien hij de rust zelve is kwam hij woensdag uitgeruster terug dan dat ik na twee dagen nietsdoen was. De Cesarjuf kon beamen dat ik in theorie heul goed wist hoe een normaal mens diende te ademen, maar dat ik met horten en stoten mijn lichaam laat denken dat ik door tien leeuwen achterna word gezeten. En geen wonder dat ik me zo opgejaagd voelde, en ze vertelde iets over een kip en een ei en een cirkel, terwijl ik me ondertussen afvroeg hoe hard een leeuw eigenlijk kon rennen.

imageAan het einde van de week kreeg ik onwijs veel lieve berichten van collega’s en vrienden (dank daarvoor!) wat ik stiekem wel heel erg lief vond. Ik begrijp dat de vorige blog even schrikken was, dus dan vind ik ook dat ik mag melden dat het al beter gaat. Bij dezen.
Coach heb ik niet kunnen spreken, want ziek. In plaats daarvan had hij me een paar vet handige apps gegeven om alles wat de komende weken voorbij komt een beetje te begrijpen, en zodoende te relativeren. Na veel wikken en wegen heb ik besloten om dit jaar wel mijn verjaardag te vieren. Het idee van al die mensen in mijn huis benauwde me enorm, maar toen ik me bedacht dat hetbwel allemaal mensen zijn die mij kennen en die ik heel lief vind, keek ik er al weer naar uit.

“Is dat niet te druk voor je?” krijg ik logischerwijs terug. Het is niet dat dingen te drúk zijn geweest, ik heb de tijd die ik had gewoon niet goed benut. Vrije tijd deelde ik in met piekeren, doemdenken, vluchten en rampscenario’s bedenken, en nu ben ik aan het leren hoe ik ook fysiek kan ontspannen (zonder wijn, want dat schijnt een beetje raar te zijn om elf uur ’s ochtends). Ik zie mezelf absoluut niet minder uren werken straks, en dan één dag in de week thuiszitten telewinkelprogramma’s kijken zeker? Doei toch. Ik dacht dat ik dingen goed van me af kon zetten, maar nu ik dat aan het leren ben zie ik dat ik er helemaal niets van bakte. Datzelfde geldt voor het alomgeprezen ‘loslaten’, het mantra van menig coach. Gelukkig heb ik nog een week om dat te oefenen.

Inmiddels doe ik al een godswonder nog steeds elke dag braaf de yoga-sessies. Ik zal de laatste zijn om jullie aan te moedigen, maar wat word je daar megablij van. Ik had zelf wat meer gehoopt op lenig en sportief, maar blij will do 🙂

Sigarettentotaal: 50
Pillentotaal: nul!
Algehele fitheid: 30%

Opkrabbeldossier dag 1 t/m 4

“Blog je nog?” vroeg coach toen ik aan zijn bureau zat. “Nee, ik heb toch niets meer te vertellen, want ik ben klaar met ADHD.” “Dan blog je over angst, stress, genoeg wat je nu bezighoudt. Je hebt roofbouw gepleegd op je lichaam.” “Ik heb geen inspiratie meer. Bovendien leest iedereen dan dat alles wat ik het afgelopen jaar heb gedaan hiertoe leidt. Lekker geloofwaardig dus, zo’n blog.”

Nu is dit niet de eerste keer dat ik me oververmoeid voel. Wel dat het niet meer weggaat en ik er tweehonderd andere klachten bij heb gekregen en ik een wandelende medische encyclopedie ben, you name it, I got it! Ik weet heus wel dat dit weer overgaat. De vraag is niet alleen wanneer, maar vooral ook hoe. Ik wil niet over twintig jaar en acht kinderen later keihard moeten nadenken over hoe ik er destijds uit ben gekomen, dus heb ik (we) besloten om dit gewoon vast te leggen. De links gaan niet meer elke dag op Facebook; ik spam al genoeg met mijn privé-account en wie het wil lezen kan dat hier doen.

Inmiddels is dit mijn vierde dag (ziek) thuis. Ik ben de afgelopen tien jaar nog nooit langer dan twee dagen aaneengesloten ziek geweest. Het is een hele rare gewaarwording om te lezen dat al het werk gewoon doorgaat, wat eigenlijk ook heel benauwend is. Al het werk dat nu door mijn toedoen blijft liggen, zal ik op een ander moment moeten inhalen. Ik probeer om daar deze week niet over na te denken, maar met zoveel ‘vrije’ tijd is het een wonder als ik niet zou gaan piekeren.

Anyhow, dag 1 heb ik alleen maar geslapen. Dag 2 was eergisteren. Toen was het hoogte- en dieptepunt de wandeling naar de supermarkt. Hoogtepunt omdat ik even de deur uit was, dieptepunt omdat ik een totale mental breakdown bij de kassa kreeg, die ik overigens heul netjes verborgen kon houden voor het kassameisje (als je dit leest, sorry dat ik zo hard zuchtte omdat je het PIN-knopje was vergeten in te drukken. It’s not you, it’s me).

Dag 3 vertrok Vriendje voor twee dagen naar Milaan, wat dus betekent dat hij vanavond weer thuiskomt en omdat ik zo’n emo ben moet ik daar elke keer van huilen als ik eraan denk. Van blijdschap, overigens. Ik ben maar de supermarkt gegaan toen de schoonmaakster hier ’s ochtends was, want als ik dan daar dood zou gaan zou ze dat merken en vast wel me missen enzo. Maar ik ging niet dood, al voelde het wel even zo. Met zwetende handjes en een hartslag van van van, nou ja, hoog, kwam ik thuis. “Zo,” zei ik zo ontspannen mogelijk. “Boodschappen heb ik in elk geval in huis.” “Dat heb je snel gedaan,” zei ze toen ik na 9 minuten weer thuis was. Zal best zo lijken, dacht ik. Maar het voelt alsof ik een berg heb beklommen.

Nee, ik ben niet zwanger. Maar iets dat hierin past kán niet eng zijn. Het relativeert.

Nee, ik ben niet zwanger. Maar iets dat hierin past kán niet eng zijn. Het relativeert.

Tussen het slapen en het boodschappen doen door ben ik overigens als een malle aan het breien. Met breinaalden en wol enzo. Ik had een hobby nodig die fysiek niet al te inspannend was, maar wel eentje die me bezighield. Voilà. Inmiddels heb ik voor alle foetussen in mijn omgeving een paar slofjes gebreid, twee mutsen gemaakt, en mislukte lappen stof voor de pussies. Ik dacht dat het vet relaxt zou zijn, omdat die oude vrouwtjes allemaal heel erg zen in zo’n stoel zitten met een voldane glimlach en een wollen trui aan de naalden enzo. Maar ik zit met m’n schouders opgetrokken tot aan mijn oren en m’n tong uit de mond te schelden op die klotewol die steeds van die pennen glijdt. Heel ontspannend hoor. Ook eet ik veel mandarijnen en maak ik veel puzzels.

Mijn ontspanning haal ik uit de dagelijkse Yoga voor mietjes. Drieëntwintig minuten lang de meest basale houdingen aannemen en proberen niet om te vallen. Daarna ben ik kapot. Van de Cesarjuf heb ik een viertal oefeningen meegekregen voor mijn houding en ademhaling waarna ik eigenlijk gewoon in slaap val. Vooralsnog is het een godswonder dat ik drie dagen op rij eenzelfde routine heb afgewerkt. Iets dat me de afgelopen jaren niet lukte, maar misschien is dat wel de reden dat ik nu deze blog typ.

Ook vandaag was het toppunt van de dag weer de supermarktwandeling. Ik had niets nodig, maar ik was bang dat ik helemaal nooit meer alleen durfde als ik niet ging. Met een flesje wijn (automatisme), broodbeleg voor vriendje (liefde) en een pakje sigaretten (noodzaak) stond ik bij de kassa. Adem in, adem uit. Niet dat ik dat kon vergeten, want door mijn gehijg klonk ik alsof ik vanuit Milaan hierheen was komen rennen. Mijn hart ging als een malle tekeer en met trillende vingertjes haalde ik mijn pinpas weer uit het apparaat. Yes, weer gelukt vandaag! Pas twee meter voor mijn voordeur kwam ik weer iets tot rust. Iets, want na tien minuten thuis besloot ik er nog een potje Yoga voor stresskippen achteraan te gooien en dat werkte zowaar. Op dit moment heb ik nog maar honderdachtennegentig lichamelijke klachten. Zie, ik kom er wel 🙂

image