Tagarchief: Dr Phil

Iets over relativeren, spiralen en verliefdheid

Ik las net het volgende op Twitter over ADHD: ‘Niet symptomen, maar disfunctioneren is de reden voor diagnostiek en eventueel behandeling’. Toen bedacht ik me dat ik onbewust jarenlang deze stelling heb getracht te verdedigen, maar het niet zo goed kon verwoorden. Ik ben er nog steeds van overtuigd dat je het disfunctioneren zó kan behandelen en aanpakken, dat je daarna misschien niet eens meer de diagnose zou hebben als je dezelfde tests onderging. Of ik dan denk dat ADHD over kan gaan? Nee, maar ik geloof wel dat je er heel hard aan kan werken zodat het geen disfunctioneren meer is, maar symptomen die niet in de weg zitten. Hiermee bedoel ik niet ‘ermee leren leven’ want dat klinkt nogal zwaarmoedig en dat ben ik eigenlijk helemaal niet. Het worden gewoon dingen waar iedereen op z’n tijd last van heeft. Het hoort erbij.

imageHet aller- aller- allergrootste voordeel dat ik heb met de diagnose, is de wetenschap dat het dus daardoor juist heel normaal is. Heel paradoxaal ook, dat klopt. Je zou denken dat ik het idee kan hebben niet normaal te zijn, of een afwijking heb, of iets anders waar mensen niet mee kunnen omgaan. Maar nee. Doordat ik weet wat het is, weet ik ook dat alles wat er stom aan is weer overgaat. Wat me een bijzonder veilig gevoel geeft net als het feit dat ik niet de enige ben. Ik bedoel, wie verzint er nou een complete diagnoselijst en behandeling op basis van de klachten en emoties van één persoon? Just saying. Ik bedacht me vanmiddag hoe ik me zou voelen als de naam ADHD niet bestond en ik dus zou denken dat het normaal is dat je hoofd soms ontploft, of dat het niet alles goed kan verwerken. En dan ook nog alles dat erbij komt kijken. Ik denk dat ik echt zwaar depressief geraakt zou zijn.

Relatie-technisch gezien heb ik er dit weekend echt een potje van gemaakt en dat schaar ik in het rijtje disfunctioneren. Maandenlang heb ik de onzekerheid, angsten en twijfels gehad die bij verliefdheid horen, maar ook de euforie en spanning ervan. Iedereen kent dit, alleen heb ik nogal moeite om dat allemaal een beetje te relativeren en logisch na te denken. Of dat ADHD is of ik, weet ik niet. Het maakte me ook niet zoveel uit. Ik wist dat ik in een enorme positieve spiraal zat en daar hield ik me aan vast, maar ik wist ook dat als die ten einde zou komen, ik waarschijnlijk niets geleerd zou hebben.

Dus ja, toen ik me vanmiddag realiseerde dat dit hele stomme date-gedoe misschien wel nergens toe zou leiden, werd ik overvallen door een enorm zwartgallige bui. Een soort depressie-aanval. Natuurlijk, dacht ik. Het werd wel een keer tijd. En op de automatische piloot heb ik de dingen gedaan die ik normaliter ook zou doen, maar dan met een doelloos en leeg gevoel. Of eigenlijk helemaal geen gevoel en dat vind ik heel erg. Ik legde me er maar bij neer, bedenkend hoe lang het de vorige keer duurde (anderhalve dag, maar iedereen weet inmiddels dat ik alleen maar in termen als ‘nooit’ en ‘altijd’ denk). Een paar uur later plofte ik inmiddels zwaar depressief op de bank en knalde de tv aan. Na vijfennegentig zenders zag ik het in beeld. Een kerstboom. En ineens voelde ik me kalmer, relaxter en gelukkiger dan de afgelopen maanden bij elkaar. In een paar uur, wat gelijk weer een nieuw record leek te zijn.

imageMaar ik zat de afgelopen maanden niet in een positieve spiraal, ik ging alleen maar naar beneden tot ik niet verder kon en het was allemaal mijn eigen schuld. Ik was zo bang voor een relatie, dat ik heb gezocht naar een reden om er niet aan te hoeven beginnen. Ik wilde zo graag stoppen met roken, dat ik alle gevolgen avn roken heb opgezocht, de hypochonder in me heb ontwaakt en van alle stress weer ben begonnen. Ik wilde zo graag motivatie om te sporten, dat ik nu zeker weet dat ik gedoemd ben met mijn gebrek aan lichaamsbeweging. Ik heb van alle punten in mijn leven de negatieve gevolgen opgezocht, dat ik alle positiviteit eigenhandig heb verbannen omdat het me wat te doen gaf. Ik heb in al die maanden misschien een halve dag genoten van het verliefd zijn. De rest was kut.

Achteraf had ik het kunnen weten toen ik me een paar weken geleden bedacht dat ik elke ochtend trillend en naar adem happend onder de douche stond. Dat het me niet meer lukte om rustig in een rij van de kassa te staan. Dat ik al weken niet meer in de binnenstad was geweest omdat het idee alleen al me benauwde. Dat ik niet uitkeek naar een vakantie, vanwege de hoeveelheid doemscenario’s waar ik uit kon kiezen. En dat ik eigenlijk dingen deed omdat het moest, en alleen genoot van het moment waarop het achter de rug was. En toch was ik al die tijd niet ongelukkig, zodat ik het niet herkende toen ik me wél zo voelde.

Dus eigenlijk heb ik de afgelopen weken gewoon de verkeerde conclusie getrokken en was het niet de ADHD-piek waar ik in zat, maar het dal. Pas nu herken ik het, en dankzij het door velen gehate label weet ik nu ook hoe ik daar kwam en vooral hoe ik er weer uitkom. Al die jaren dat ik schema’s heb moeten invullen, dagboeken bijhouden, stemmingen heb moeten peilen werpen nu z’n vruchten af. Als ik nooit had geleerd hoe ik emoties zou moeten benoemen, dat ze tijdelijk zijn en voornamelijk te beïnvloeden, had ik het veel zwaarder gehad dan nu. Dit besef maakt me nu heus niet in één klap dolgelukkig, maar dit is wel het moment om aan de bel te trekken en de wetenschap dat het beter wordt neemt al de helft van het zwarte wolkje om me heen weg.

En dat, lieve lezers, is nou de positieve kant van ADHD.

MAAR IK VIND HET @&€%#$ WÉL BELANGRIJK!

Ik kan wel pagina’s volkalken met hoe ADHD samen met mijn karakter een behoorlijke impact heeft op mijn sociale leven, maar mensen die mij kennen weten dat ik af en toe mijn buien heb. Ik weet dat zelf ook, mede dankzij mijn coach en hele goede vrienden, en nog beter weet ik hoe ik dat allemaal kan vermijden en met iedereen vriendjes kan worden en blijven. In theorie dan, de praktijk is vaak iets anders.

Ik kan ook pagina’s volkalken met hoe leuk het is om te daten, want dat is het. Maar als het écht goed gaat komt er na een tijd een moment waarop dingen persoonlijk worden en ik toch weer meer vertel dan nodig is. En hij ook. Shit just got real… Dit is vaak het punt waarna ik afhaak, al is het alleen maar omdat ik de ander voor wil zijn. Ik zit zelf ook niet te wachten op iemand met een handleiding, dus de ander vast ook niet. Tot dat moment kan ik alles dat ook maar een beetje met mij of ADHD te maken heeft heel goed verbergen. Ik hou gewoon genoeg afstand zodat het lekker oppervlakkig blijft, want dat is veilig. De belangstelling van de tegenpartij over ADHD vond ik altijd eng; ik wist niet wat iemand ervan vond en eigenlijk was er toch geen reactie die mij een goed gevoel kon geven.

Deze date gaf mij de mogelijkheid uit te leggen waarom ik soms impulsief reageerde zoals ik steeds vaker deed. Ik probeerde te vertellen dat mijn reactie op iets net zo snel gaat als wanneer je een bal vangt. En dat je achteraf ook niet meer weet hóe je dat hebt gedaan en waarom. Het gebeurt dan gewoon en is niets anders dan een impuls. Hij leek het te begrijpen en ik schrok een beetje toen hij letterlijk vertelde dat ie trots op me was. Waar ik dan weer helemaal niets van snapte, want het is niet bepaald een prestatie. Maar het deed me wel wat, al deelde ik zijn gevoel niet.

Hoe meer contact ik met iemand heb, hoe moeilijker het wordt om die afstand te bewaren. Ik kan me heel lang op de achtergrond houden, maar ik ben nou eenmaal een vrouw en die hebben ook gewoon emoties enzo. Dus toen we in een volkomen nietszeggende discussie belandden, verzamelde ik in gedachten razendsnel alle tips die ik ooit had gekregen om het niet uit de hand te laten lopen. Ik hield me netjes in, zei niets of sneed een ander onderwerp aan, het mantra ‘kalm blijven’ herhalend. Totdat hij de discussie in zijn ogen afsloot met: “ach, ik vind het eigenlijk ook niet belangrijk.”

“MAAR IK VIND HET GODVERDOMME WÉL BELANGRIJK!” schreeuwde ik nog net. Eigenlijk wilde ik iets naar z’n hoofd gooien. Een telefoon of een aansteker, maar een televisie was ook goed geweest. Ik wilde stampvoetend voor hem staan en laten zien dat het niet zo onbelangrijk was als hij vond. Dat ik bepaalde welke waarde het had, en niet hij. Ik wilde net zo lang schreeuwen tot hij inzag wat mijn mening hierover was en deze dan ook ging delen natuurlijk. Ik wilde keihard gaan huilen in de hoop dat ik me wat rustiger zou voelen. Maar in plaats daarvan zei ik verder niets, heb m’n spullen gepakt en ben weggegaan.

Dat ik hiermee elke kans op een potentiele lange-termijndate heb weggegooid kan me op dit moment allerminst interesseren. Dat ik me heb kunnen inhouden, niet heb geschreeuwd, gehuild of gegooid en in schijnbare kalmte ben vertrokken, maakt dat ik het voor het eerst een keer met hem eens was.
Ik ben trots op mij. Dat hij nooit zal weten hoeveel moeite mij dit heeft gekost, is misschien iets dat ik wel jammer vind. De rust die ik nu ervaar doordat ik weet dat ik mijn impulsiviteit heb kunnen inhouden, neemt hij me niet meer af.

Dat ik overigens weer ben begonnen met roken is natuurlijk volledig zijn schuld, dat snappen jullie hopelijk wel…

Dr Phil lult maar wat

Ik heb een haat-liefdeverhouding met routines. Als ze me rust geven en dingen overzichtelijker maken dan ben ik de eerste die roept dat ik heus wel regelmaat nodig heb, want kijk eens hoe goed het allemaal gaat. Maar als ik routinematig steeds dezelfde fouten maak en dus steeds hetzelfde resultaat krijg, ben ik ervan overtuigd dat het complete universum samenspant om mij een hak te zetten. Want ja, het kan natuurlijk niet aan mij liggen en karma is a bitch enzo.

Een wijs man zei ooit dat het onredelijk was om een ander resultaat te verwachten door dezelfde handelingen te verrichten. Dat soort wijsheden slaat natuurlijk op iedereen behalve op mij. Ik heb momenten waarop ik zwelg in zelfmedelijden en, boehoe, waarom overkomt mij dit steeds. Best een rare vraag, ik doe namelijk ook steeds dezelfde dingen alleen zie ik dat nooit niet altijd in. Misschien heb ik het wel onbewust niet willen zien, routines nemen namelijk de onvoorspelbaarheid weg waar ik soms zo veel behoefte aan heb.

Veel situaties in mijn leven verlopen inderdaad hetzelfde en veel teleurstellingen zijn misschien zelfs wel te voorspellen daardoor. Successen daarentegen ook. Ik weet van mezelf dat ik heel fanatiek kan zijn en me vol kan storten op iets. Werk, hobby’s, dates, noem maar op. En na elke teleurstelling verwijt ik mezelf weer dat ik het niet iets rustiger aan heb gedaan. Gewoon, uit routine. Maar als me wordt gevraagd of ik het anders had gedaan als ik de uitkomst had geweten, moet in ontkennend antwoorden. Ondanks dat ik blijf hopen op een andere uitkomst, geniet ik ook van de weg daarnaartoe. De jacht is leuker dan de prooi, remember?

Deze week werd me ineens veel helder. En dat ik inderdaad soms alleen de negatieve kanten zag wist ik in theorie wel, maar ik dacht dat ik dat allemaal al had veranderd enzo. Ik bedoel, ik heb een superslimme coach en neem braaf mijn pilletjes, dus dan komt alles vast goed. We hebben veel gewerkt aan het beperken van mijn impulsieve reacties naar de buitenwereld. Daar helpen de medicijnen me bij en het alombekende tot tien vijf één tellen, zo’n beetje de moeilijkste opdracht die ik ooit heb meegekregen. Alles draaide erom dat ik me moest aanpassen aan de buitenwereld, omdat ik wel eens iemand zou kunnen kwetsen met uitspraken die ik misschien niet eens zo had bedoeld. Er kwam nooit in me op dat het wel eens in mijn voordeel zou kunnen zijn om daaraan te werken. Tot een jaar geleden had me neergelegd bij het gevoel dat wie ik was niet goed genoeg was, en dat de schade beperkt zou moeten worden door middel van coaching en Ritalin. Inmiddels heb ik juist door diezelfde coaching en medicijnen een dosis zelfvertrouwen gekregen waardoor ik dat niet meer geloof.

Ik keek vaak op naar mensen die hun leven op orde hadden, zonder negatieve uitspattingen of selfmade drama en ellende. Mensen bij wie alles op rolletjes leek te lopen. Ik realiseerde me dat ik die vorm van jaloezie alleen voelde op momenten waarop ik die ellende zelf mee leek te maken, nog geen dag per maand misschien. De andere dagen kreeg ik het al benauwd bij het idee in hun schoenen te moeten staan. Het leek me allemaal zo saai en voorspelbaar, alsof de rest van je leven al vastligt. Brr.

Toch denk ik niet dat zij dat zelf zo zien. Ik geloof echt dat mensen gelukkig kunnen worden van zekerheid en bevestiging en daar ook naar op zoek zijn. Op een bepaalde manier heb ik dat zelf ook nodig, maar het verlangen naar spanning en het doorbreken van routines laat me niet los. Soms zijn er momenten die ineens een routine blootleggen en de reden ervan. Samengevat: adhd-meisje ontmoet leuke adhd-loze jongen. Meisje denkt: dat wordt niks, want mannen zijn van nature gewoon varkens. Jongen denkt: wat een leuk meisje, daar wil ik mee daten. En zegt dat ook. Meisje denkt: huh? En besluit het rustig aan te kijken om te zien waar het schipt strandt. En daar komt een stukje adhd naar boven, want als ik ergens voor ga, dan doe ik dat goed. Ik hou niet van afwachten, ik wil zelf de touwtjes in handen houden. Routinematig en übervoorspelbaar ga ik daarna natuurlijk keihard onderuit en verwijt ik mezelf weer dat ik te hoge verwachtingen had, waarna ik legitiem met een fles wijn en caramelijs één avond mag doorbrengen. Story of my life. Aldus zonder door te hebben waarom.

Tot deze week. Want voor het eerst heb ik het gevoel dat het misschien niet helemaal verkeerd is wat ik heb gedaan. Ik geloof dat de situatie inderdaad anders geweest was als ik me niet ergens vol op had gestort of niet te hoge verwachtingen had. Ik geloof dat ik dan nog steeds had moeten afwachten en dat is juist iets wat ik niet te lang wil doen. Het fanatisme en supergelukkige gevoel mag dan wel veel te snel zijn afgelopen, ik heb het tenminste wél ervaren.

Ik krijg inderdaad steeds hetzelfde resultaat, maar blijf dezelfde dingen doen. Ik kick op de instant happiness die de hoge verwachtingen me brengen, dat is misschien een doel an sich. Dat de teleurstelling daarna iets groter is, neem ik gewoon voor lief. Ik weet dat ik het kan hebben en dat als ik er eenmaal doorheen ben (zie caramelijs), ik er ongeschonden weer uit kom. Moraal van dit verhaal: Dr Phil lult maar wat.