Tagarchief: kaakchirurg

Kaakchirurg deel III

Als ik ergens klant van het jaar zou moeten worden dan is dat wel bij de kaakchirurg, al is het alleen maar omdat ik daar nog nooit een afspraak heb afgezegd. Driewerf hoera. De allerergste ruimte in dat helsche ziekenhuis is de wachtkamer op de afdeling kaakchirurgie, bijna angstaanjagend gewoon. Elke keer hoop ik stilletjes dat ze zeggen dat de chirurg uitloopt en ik beter een andere afspraak kan maken, maar nee, ze gaan net zo lang door tot ook ik op de pijnbank mag. Gewapend met een doos ritalin was ik klaar voor mijn allerlaatste bezoek hier.

“Hé, hoe is het? En met de poes?” Huh? “Is ze al gegroeid?” Oh.
Ik vraag me steeds af op welke momenten ik de chirurg van informatie voorzie, aangezien ik het grootste deel van mijn aanwezigheid fysiek incapabel ben om te communiceren, op welke manier dan ook. “Ja best. Gaat het pijn doen?”
“Heb ik je ooit pijn gedaan?” vraagt hij oprecht. Ik herinner me ineens de teleurstelling toen mijn date afgezegde en trok de vergelijking met de bottransplantatie van een half jaar geleden. “Viel eigenlijk wel mee,” kan ik eerlijkheidshalve terugkaatsen. Ik had gelijk en twintig minuten later stond ik alweer beneden bij de apotheek, klaar om een voorraad pijnstillers en antibiotica op te halen.

Het allermoeilijkste van de nasleep van de behandelingen is het op tijd proberen in te nemen van die enorme zooi pillen, poeders en drankjes. Dus ik dacht van de week, ik probeer die routine er vast enigszins in te krijgen. Alles had ik in mijn telefoon gezet en gisteren oefende ik stilletjes door op de juiste tijdstippen te bedenken hoeveel ik waarvan vandaag zou moeten innemen. Mijn verbazing was dan ook groot toen ik bij de apotheek stond met het dagmenu: pijnstillers in tabletvorm, maagbeschermers (!?) tegen diezelfde pijnstillers, en mondspoeling. Help!

Mijn protest tegen de gore antibiotica, waardoor ik na het eerste toiletbezoek ’s ochtends al bijna van m’n stokje ging, heeft geholpen. Die hoefde niet meer. Zakjes pijnstillers gingen de laatste keer alleen per twintig over de toonbank, dus ook al probeerde ik de apotheker er toen van te overtuigen dat drie stuks toch echt wel genoeg was, die tuthola vulde het zelfgevouwen doosje net zo lang tot het exact twintig zakjes bevatte. “Nee mevrouw, ze gaan alleen per twintig.” Stom wijf. Van die twintig liggen er nog negentien in de linkerlade van mijn buffetkast (+1 voor mijn organisatieskills), dus ik vroeg heel lief of ik die nog mocht gebruiken vandaag. Dat kon, maar dan wel de komende vier dagen driemaal daags. Niet omdat het vier dagen pijn ging doen, nee, omdat ik te eigenwijs was om antibiotica te nemen en hier ontstekingsremmers inzaten die ik o zo hard nodig had, want ik rookte immers. Toen kwamen de maagtabletten ter sprake en ik vroeg me hardop af of dat nodig was, aangezien mijn maag ooit op één avond een grote bak caramelijs, twee flessen wijn en een pakje Marlboro heeft kunnen verdragen. Hij leek me heus wel goed getraind om 3 lousy pijnstillers per dag aan te kunnen. Dat moest ik zelf maar weten, en ik weet zeker dat ze op dat moment mijn psychische geschiedenis bekeek in de computer.

Daar had ze kunnen zien dat ik van 2x 10mg Ritalin naar 3x 15mg ben gegaan, toen weer terug naar het oude recept en weer heel snel naar nul. Dat was afgelopen week, toen ik dacht dat ik helemaal geen medicijnen meer nodig had. Maar toen ik afgelopen zaterdag moest concluderen dat ik die week zelf niks aan was en de hele wereld veel te onoverzichtelijk bleek, ben ik maandag toch maar weer begonnen. Geen van mijn collega’s is de tussenstop opgevallen en mijn week was een hel, waardoor ik me afvraag wie er toch steeds roept dat Ritalin wordt voorgeschreven zodat de buitenwereld geen last heeft van ADHD’ers…

Niet voeren a.u.b.

Via mijn werk krijg ik regelmatig een lijstje onder ogen met tips voor docenten van ADHD-leerlingen. Iets minder regelmatig ben ik aanwezig bij een gesprek met een speciaal-daarvoor-opgeleide-ADHD-coach die mij heel helder uitlegt wat het nou is en waar die kinderen baat bij hebben. Omdat mijn leerlingen en (sommige) collega’s niet op de hoogte zijn van het feit dat ik ook ADHD heb, kan ik vaak niet meer doen dan ja-knikken en aantekeningen maken. Maar soms moet ik vanbinnen een beetje gniffelen om de uitleg.

Omdat ik het heel moeilijk vind om concreet aan te geven hoe ADHD zich uit, duurt het vaak even voordat ik echt snap wat er nou in dat lijstje thuishoort. Heeft duidelijke aanwijzingen nodig, bijvoorbeeld. Hallo! Wij zijn geen debielen hoor, ik snap aanwijzingen prima. Mensen moeten gewoon wat duidelijker zijn. De fabrikant van mijn frambozenshampoo bijvoorbeeld, die op de verpakking zet dat ik de hoeveelheid ter grootte van een nootje moet gebruiken. Ja, wat voor noot? Een walnoot? Kokosnoot? Cashewnoot? Ik bedoel, dat zijn gewoon flut-aanwijzingen waar zelfs de meest intelligente vrouw nog van in de war raakt.

En wat te denken van de Ikea, die meldt dat ik met gepaste snelheid de parkeergarage uit moet rijden. Wat is gepaste snelheid? 10 kilometer per uur? 30? 50? Of als mensen die op bezoek komen zeggen dat ze ‘iets fris’ willen drinken. Ik heb niet echt een fles in de koelkast staan waar FRIS op staat, dus ik heb duidelijkheid nodig. Laatst deed ik boodschappen voor een vriendin van me die vroeg of ik ook iets lekkers wilde meenemen. Ja wát, verdomme. Ik vind namelijk alles lekker, dus ik heb meer info nodig. En mijn schoonmaakster die vroeg of ik doekjes wilde halen. Ik durfde uit domheid niet te vragen wat voor doekjes, waardoor ik nu een jaarvoorraad vaatdoeken, stofdoeken, theedoeken, handdoeken en microvezeldoeken in de kast heb liggenimage. Diezelfde mini-hartaanval krijg ik als mensen zeggen dat ze van de week wel even langskomen, waardoor ik me verplicht voel die hele week paraat te staan voor onverwacht bezoek. Of als op mijn theezakjes staat dat ik ze niet te lang moet laten trekken in het theewater. En de Nuon kan er ook wat van, die melden doodleuk dat een bedrag omstreeks de tiende van de maand wordt afgeschreven.

Is het echt zo moeilijk om wat concreter te zijn? Ik zie al voor me dat ik de kaakchirurg bel met de mededeling dat ik eind van de maand wel even kom koekeloeren. Of dat er in de tv-gids staat dat de film aan het eind van de avond een keer begint. Of dat mijn brood ongeveer een euro kost. Iedereen verwacht duidelijkheid, alleen vergeten mensen het vaak zelf te geven. Zelfs geboortekaartjes zijn voorzien van exacte gegevens over de lengte en het gewicht van de babbie, is het dan zo moeilijk om op mijn zakjes kamillethee te zetten dat ik ze 3 minuten moet laten trekken? Of om te zeggen dat je op dinsdag, donderdag of zaterdag langskomt, of dat in ieder geval op de dag zelf te kunnen melden?

Daarentegen stuit ik regelmatig op aanwijzingen die bij mij een diepe zucht teweegbrengen. Niet voor inwendig gebruik staat er op mijn bus haarlak. Waarna ik me afvraag wat precies de aanleiding was om dit specifiek te moeten vermelden. Of dat ik eerst de kartonnen doos moet verwijderen als ik mijn diepvriespizza in de oven wil schuiven. En op mijn pot pindakaas staat nog even vermeld dat het sporen van pinda’s kan bevatten.

imageVeel dat voor anderen logisch is, is dat voor mij niet. Ik heb vaak moeite met dingen die andere mensen als normaal zien. Dat maakt mij in de ogen van hen vaak dom, al voel ik me inmiddels niet meer zo. Wat voor de één vanzelfsprekend is, is dat voor de ander niet. Laat mij dan maar lekker dom zijn, die duidelijkheid scheelt me een hoop stress (en pillen).

PS: Ik doe het gewoon terug. Op iedereen die me vraagt wat ik voor mijn verjaardag wil, antwoord ik gewoon ‘iets leuks’. Eat that!

Kapper vs kaakchirurg

Er zijn bepaalde dingen waar je als mens gewoon een beetje zenuwachtig voor mag zijn. Kaakchirurgen, tandartsen, doktersbezoeken, sollicitatiegesprekken, eerste dates, noem maar op. Ik heb ook zo’n lijstje, alleen ziet die er iets anders uit. Ergens in de bovenste regionen staat namelijk de kapper.

Vanmorgen heul erg vroeg was het weer tijd om mijn coach te updaten. Ik vertelde wat ik ook al in de blogs had gezet, dat ik me niet meer bang en onrustig voelde maar eigenlijk niet wist wat er nu zou komen. Of ik gelukkig was. Ja, dat ben ik. Heel erg zelfs. We besloten dat ik dan best wel eens weer dingies kon gaan doen waar ik de afgelopen maanden te erg tegenop heb gezien, alleen al om mijn mening daarover te laten veranderen. En ik moest braaf mijn pillen gaan slikken. Jahaa.

Gisteravond voor het slapen heb ik de cheesy meditatie-app aangezet om ondertussen heel erg zen mijn virtuele boerderij te verbouwen. Ergens tussen het koeienmelken en schapenscheren ben ik in slaap gevallen en midden in mijn schoonheidsslaapje heb ik de iPad van mijn bed op de grond laten stuiteren. Vanmorgen vroeg de schade opgenomen en de lader heb ik dus vol-le-dig naar de knoppen gegooid. Vriendje sliep in zijn huis dus die kon ik ook niet de schuld geven. Fijn, moet ik weer de stad in. Als ik daar toch ben kan ik misschien gelijk boodschappen doen bij de onmenselijk grote supermarkt en misschien, heel misschien zelfs een kapper opzoeken. Ik ben namelijk een heel avontuurlijk persoon, maar wel eentje met stom haar.

Met een neue lader op zak ging ik de supermarkt in toen ik me bedacht dat ik niet alleen een boodschappenlijstje was vergeten, ik had er niet eens eentje gemaakt. Het wordt steeds gekker, dacht ik. Voordat ik weer op stel en sprong dit ondergrondse hellhole uit zou willen, ging ik eerst maar de broodnodige dingen in m’n mandje gooien. Wijn enzo. En kattenbakmeuk, want kleine katjes schijten net zoveel als grote katten ben ik achter. De rest was allemaal bonus en na 10 minuten vond ik het wel weer leuk geweest, bovendien begon de Ritalin in te werken en die wilde ik gebruiken voor bij de kapper. Want echt, een bezoek aan de kapper is zo ongeveer het ergste dat je me kan aandoen. Stilzitten is nou eenmaal niet mijn hobby.

Op weg naar een kapper dichtbij de parkeerplaats kwam ik langs een kapper die nóg dichterbij zat, waar één mevrouw werd geknipt een waar ik geen afspraak voor hoefde te maken. Hallelujah en binnen een minuut zat ik in de stoel. ‘Ik wil alleen geknipt worden, geen rare fratsen verder hoor.’ ‘Dat kan,’ zei een hele lieve mevrouw. ‘Loop maar mee, dan gaan er het eerst even wassen.’ ‘Dat hoeft niet hoor, dat heb ik vanmorgen al gedaan.’ Ha, die zit. ‘Oh, maar dat kost niets extra hoor. Sarah hier die wast het even voor je, daarna knip ik je. Hier, ga lekker zitten. Wil je iets drinken? Nee, zeker weten? Ok, tot zo.’ Godverdomme.

imageSarah is een heel lief meisje dat uitgebreid de tijd neemt voor haar klanten, heb ik weer. Sarah zette me in de stoel en propte overal handdoeken rond m’n hoofd. ‘Zal ik de stoel aanzetten? Het is een massagestoel.’ Whatever, dacht ik, en ik zei met geforceerd enthousiasme ‘ja, wat fijn!’ Twee enorme onzichtbare bollen in de stoel probeerden mijn nieren langzaam uit mijn lijf te drukken en na een halve minuut was mijn lever aan de beurt. Na een rondje ribbenkneuzen gingen de ballen weer naar beneden en begon de kwelling opnieuw. Ondertussen nam Sarah uitgebreid de tijd om het hele assortiment shampoo’s, conditioners, serum en weetikveel in mijn haar te smeren. Ik vroeg me af hoe lang ik er al zat en vooral waar ik dit aan had verdiend. ‘Fijn hè,’ vroeg ze retorisch aan me. ‘Dit is altijd een moment van ontspanning voor de klanten.’ Ik vroeg me af of Sarah wel eens een kaakbottransplantatie had ondergaan. Niet alleen is ze mijn haarbos al langer aan het wassen dan ik zelf altijd deed, ze zit dus gewoon mijn hoofd te masseren! Onwillekeurig trok ik de vergelijking met de stoel van de kaakchirurg afgelopen week en vroeg me af wat prettiger was. De kaakchirurg won.

Na vier uur (of een kwartier, dat is misschien wat logischer) mocht ik met de kapster mee de stoel in. ‘Wat wil je graag?’ vroeg ze geduldig. Ze zou het vast niet op prijs stellen als ik nu gelijk weg zou gaan, dus ik zei dat wat dood was eraf mocht, zo’n beetje alles dus. Dat leek me wel een afgebakende opdracht waar ze iets mee kon. Heel voorzichtig begon ze te knippen en werkte ondertussen de officiële Vragenlijst der Kapsters af. ‘Ben je vrij vandaag?’ Nee, ik zit nu eigenlijk op het werk en jij bent een spook aan het knippen. Bitch, please. Maar langzaamaan werden de vragen persoonlijker en kreeg ik het gevoel dat ze niet alleen mijn antwoorden hoorde, maar ook echt luisterde. De tijd vloog voorbij en tegen het einde was ik zó ontspannen, dat ik met een steekje jaloezie naar de vrouw keek die aan de overkant van de zaak in de massagestoel werd geplaatst, klaar om gewassen en gemasseerd te worden. Zucht, dat zou ik ook wel willen…